vrijdag 21 mei 2021

Ik las voor mijn boekenproject 2021 "Journal of a novel" van John Steinbeck. "Getting my mental arm in shape to pitch a good game."


This is the longest diary I ever kept. Not a diary of course but an attempt to map the actual working days and hours of a novel. If a day is skipped it will show glaringly on this record and there will be some reason given for the slip.

Tussen januari en november 1951schrijft John Steinbeck zijn belangrijke boek "East of Eden". Hij schrijft dit boek in een notebook, aan de rechterkant het boek en aan de linkerkant dit journaal. In het journaal beschrijft hij bijna per dag het ontstaan van het boek. Hij richt het in gedachten aan zijn vriend, de uitgever Pat Covici. Hij praat met hem, hij beschrijft zijn plezier in het schrijven, de problemen die hij tegenkomt, de ideeën die in hem opborrelen. Hij heeft zichzelf een stramien opgelegd. Belangrijk is rust, hij wil niets overhaasten, de tijd nemen. Hij wil iets vertellen wat in zijn ziel woont, wat voor hem belangrijk is, hij weet dat het veelomvattend is; haasten maakt zenuwachtig en maakt van slag en dat nooit, het creatieve proces moet zijn tijd krijgen. Maar hij stelt zich tegelijkertijd doelen, een bepaald aantal woorden schrijven per dag. Hij schrijft met een potlood (!) en hij vraagt zijn vriend een voorraad nieuwe potloden mee te nemen.

                                   Deze potloden brandnamepencils

Het is niet de bedoeling dat dit journaal gepubliceerd wordt. Dit gebeurt pas na de dood van John Steinbeck in 1968. Steinbeck had only two requests for the diary — that it wouldn’t be made public in his lifetime, and that it should be made available to his two sons so they could “look behind the myth and hearsay and flattery and slander a disappeared man becomes and to know to some extent what manner of man their father was.” brainpickings

Ook het gewone leven dringt in het boek door. In deze periode van zijn leven woont John Steinbeck met zijn vrouw in New York. Zij is een grande dame, kent veel mensen, is sociaal, maar houdt veel van de plichtplegingen weg bij John, wetend dat hij tijd alleen nodig heeft. Zij regelt alle zakelijke beslommeringen en zij is zijn klankbord. Geregeld leest hij haar 's avonds voor uit wat hij daarvoor schreef.  Aan Pat Covici doet hij daar verslag van. 

De kinderen, twee zonen bij zijn tweede vrouw komen regelmatig logeren en ook de dochter van Elaine uit haar eerste huwelijk. Het gaat niet zo goed met de twee jongens. Hun moeder is onevenwichtig en dit laat sporen na. John maakt zich hier zorgen over en probeert in te grijpen. Elaine verricht wonderen met hen, schrijft hij. Met hun vieren gaan ze naar Nantucket in een huisje aan de zee. Er wordt meubilair bezorgd voor de bibliotheek. Het weer veranderd, de seizoenen komen en gaan. Hij slaapt slecht, heeft kiespijn. Hij schrijft het allemaal aan zijn vriend in dit journaal, dit dagboek.

  • I am trying to implant a counterpoint of poetry just before the harsh prose that has to follow.
  • Today 's work is so important that I am afraid of it. It requires the use of the most subtle rhythms both of speech and thought. 
  • Today is a dawdly day. I do a whole of a day's work and then the next day, flushed with triumph. Today I dawdle. The crazy thing is that I get about the same number of words down either way.
  • And you know of course that many times before I finish this book I hate it with a deadly hatred.I shall detest the day I started it. It will seen the poorest crap that was ever set down.
  • I can tell you truthfully that I never have such a good time with a book. 
  • I lift out of the details of the little work and a panic crashes on me. it occurs to me that this may be a very good book- but with a slight variation it may be glibberish.
  • I don't know why I am thinkingnow of criticism since I will not let it change one single thingabout the story of the method. 
  • This is a brooding time in the book - a time of waiting and a time in which dangers poke up their heads.
  • The story is jumping  along in my head. I could go on without stopping now. 
  • I am having one hell of a time today. I'm tired, so tired. 
  • Must slow down and take it easier. Saturday had a feeling of exhaustion near to collapse. I guess I’d been working too hard. It’s not the amount of work but the almost physical drive that goes into it that seems to make the difference. I should take it a little easier or I won’t be finishing. I have just a page or so over 100 typescript pages done out of 600. I have five times as much work left to do as I have done already, so I must conserve strength because I do want to do this novel and finish it this time. Must get no fatal feelings about it.
  • I must re-establish the discipline. Must get tough. So many attractive things are happening that it is difficult.
  • Only a quarter page. Rodeo blues and weakness… Drank lots of whiskey and had a fair time. Empty feeling, empty show. Same enthusiasm circus had whips up… And now home with a little stomach ache that doesn’t come from the stomach. Terrible feeling of lostness and loneliness.
  • Always something. Just more this time. I can do it and I will do it, by God. It is just the discipline that is all. I’m wasting time today and I don’t care much. Everything goes in circles and I must think WORK.
  • I only hope it is some good. I have very grave doubts sometimes. I don’t want this to seem hurried. It must be just as slow and measured as the rest but I am sure of one thing — it isn’t the great book I had hoped it would be. It’s just a run-of-the-mill book. And the awful thing is that it is absolutely the best I can do. Now to work on it.
And therein lies the very thing that makes Working Days a necessary creative scripture for anyone laboring in the arts — the journal’s deeply assuring testament to the fact that even those of exceptional genius are plagued by constant self-doubt, and that perhaps the most important quality setting the brilliant apart from the mediocre is their willingness to let the doubt happen but plow forward anyway, not to be shown up by it but to show up doggedly for the day’s task, however monumental its ask and however small its give. brainpickings


Mijn boekenproject 2021

  • Het Verre Geluk: het Huis Koeragin /het erfgoed van de Astrows - Constance Heaven
  • Een Kamer voor Jezelf - Virginia Woolf 
  • De Hindi Bindi Club - Monica Pradhan
  • De Olijvenoogst - Carol Drinkwater
  • Gertrude Stein - Walter Sorell
  • De autobiografie van Alice B Toklas - Gertrude Stein
  • de Kleine Bakkerij op het Strand - Jenny Colgan
  • Journal of a Book - John Steinbeck

.

.

Boekenproject 2014

Boekenproject 2014

Boekenproject 2015

Boekenproject 2015